Yasmien Naciri En Michael De Cock

Yasmien Naciri + Michael De Cock

  • zaterdag 16/12 15:00-16:00
  • Locatie
    Balzaal Vooruit
  • Soort evenement
    Festivalbabbels

Yasmien Naciri is bijna jaloersmakend energiek en actief. Ze schrijft tweewekelijks een pittig opiniestuk voor De Morgen, twittert de klok rond haar mening in 140 spitante lettertekens (volgtip @smienos), is actief als marketeer, stampte een hulporganisatie én een jeugdwerking uit de grond, inspireert jongeren om te ondernemen, duikt af en toe op als verfrissende opiniemaker in radio- en tv-studio’s, blijft ondertussen studeren … Het kan niet anders of haar week telt enkele dagen meer dan de onze :) In het vaak gepolariseerde debat zijn haar opinies en tussenkomsten een verademing. Omdat ze even de zaken op scherp stelt, maar wel steeds de dialoog aangaat en de nuance aftast. En toch krijgt ze - na elk media-optreden, na elk schrijfsel - bijzonder veel bagger over zich heen. Ze had geluk, zegt ze, dat ze in haar prille jeugdjaren omringd werd door mensen die geloofden in haar, die haar in het hoofd prentten dat ze veel kon verwezenlijken, betekenen, dingen veranderen. Het doet haar des te intens pleiten voor een sterk onderwijs dat de talenten van leerlingen erkent. En voor een onderwijskorps dat representatief is voor onze superdiverse maatschappij. “Ik heb één keer les gehad van een moslima met een hoofddoek aan de UA. Toen dacht ik bij mezelf: ‘Wat? Dat gaat?’ Dan krijgen mensen het gevoel dat ze hier op hun plaats zitten.” Zelf probeert ze alvast het goede voorbeeld te geven, door haar stem op sociale en andere media te laten horen. Ze verwoordt er onrust, gevoelens, frustraties en wijst op populistische denkfouten en taboes in het maatschappelijke debat. En met een bijzondere geestdrift wijst ze beleidsmakers, ondernemers, programmatoren, academici op hun mogelijkheden en verantwoordelijkheden. En daardoor heeft ze het - 26 lentes jong - ondertussen zelf tot rolmodel geschopt.


Artistiek directeur, schrijver en regisseur Michael De Cock zet doelbewust jonge rolmodellen (met of zonder migratieachtergrond) op de voorgrond in zijn Brussels cultuurhuis KVS. Niet omdat het van moetes is, maar omdat hij oprecht gelooft in diversiteit als grote kracht. Het zou potverdikke even evident moeten zijn in een film, boek, of theaterscène als in de stad zelf. “Eigenlijk is het niet gepermitteerd vandaag nog verhalen te vertellen die die diversiteit níét in zich dragen.” Een believer ook van de enorme kracht van artistieke interventies buiten de theatermuren. Want kunst en cultuur kan gemeenschappen in een (superdiverse) stad sterken, ontmoeting creëeren, blikvelden verruimen, dialoog triggeren, empathie aanwakkeren, een thuisgevoel verwezenlijken … “Ik vind dat een stadstheater een plek moet zijn die ergens voor staat: een verbindend stadsproject.” Om nog maar te zwijgen van wat kunst op een heel persoonlijk niveau bij individuen kan teweegbrengen: toucheren, blikvelden verruimen, het inlevingsvermogen aanspreken, alternatieve verhaallijnen van het leven tonen … Maar op voorwaarde dat het publiek zich herkent in wat er gebeurt op en naast de scène. Het is dezelfde representatie als deze waarover Yasmien praat. Maar Michael is ook niet bang van het klassieke theaterrepertoire. Want sommige verhalen zijn onverslijtbaar en sommige karakters blijven herkenbaar, ook na 3000 jaar. We verwijzen natuurlijk naar de integrale opvoering van het befaamde heldenepos van Homeros afgelopen lente, dat onder Michaels regie een verrassende blik wierp op onze actualiteit. Odysseus. Een zwerver komt thuis is het relaas van een bootvluchteling, een man die een thuis zoekt, een verhaal over heimwee en verlangen, een roep naar vrede en harmonie, een mijmering over de kern van een karakter en hoe je toch als mens sluimerzacht vervelt tot een ander mens … “En het is een boek over filoxenia, de liefde voor de vreemde. Elke zang ademt dat uit. Als er iemand uit den vreemde komt, heet hem dan welkom, geef hem een bad, zalf hem en vraag hem dan wie hij is. Daar kunnen we wel wat van leren.”


Een Festivalbabbel over rolmodellen en representatie, over interculturele ontmoetingen en vriendschap, over hoe je als kunstenaar én als ondernemer je stem kan verheffen en schoonheid kan scheppen, over de kwade ondertoon van het begrip ‘tolerantie’, over liefhebben wat vreemd is en loslaten wat je niet raakt, over dagen die te kort lijken om alle bordjes in de lucht te houden …